Social contagion-hypothese

Social contagion is een algemeen sociaalwetenschappelijk concept waarbij gedrag, ideeën of emoties zich verspreiden binnen vriendengroepen of online netwerken.
De hypothese
Social contagion is een algemeen sociaalwetenschappelijk concept waarbij gedrag, ideeën of emoties zich verspreiden binnen vriendengroepen of online netwerken. In de gendercontext werd het concept onder andere door Littman (2018) toegepast om de cluster-presentatie en de online context van adolescente genderdysforie te beschrijven.
Discussie
Tegenstanders van de hypothese stellen dat de stijgende aanmeldingen verklaarbaar zijn door bredere maatschappelijke acceptatie en betere toegang tot zorg. Voorstanders wijzen op het patroon van geclusterde aanmeldingen binnen vriendengroepen, de leeftijds- en geslachtsverdeling van de toename en internationale parallellen.
Beleidsrelevantie
De Cass Review en de Scandinavische heroriëntaties nemen sociale invloed expliciet mee als factor in de verklaring van de veranderde patiëntpopulatie. Beleid richt zich daarom mede op zorgvuldige differentiatie en exploratieve gespreksvoering.
De cijfers achter het debat
De aanleiding voor de hypothese is een snelle verandering in de klinieken. Bij de Engelse jeugdkliniek, waarvan de sluiting in 2022 werd aangekondigd, steeg het aantal verwijzingen van ongeveer 250 per jaar rond 2011 naar meer dan 5.000 per jaar tien jaar later. De samenstelling keerde om: waar vroeger vooral jonge jongens werden aangemeld, zijn het nu overwegend tienermeisjes bij wie het onbehagen in de puberteit begon. Klinieken in Nederland, Scandinavië en Noord-Amerika zagen hetzelfde patroon. Voor Nederland berekende Vasterman een groei van de transgenderzorg met 1.728 procent sinds 2012. De steungroep Cry for Recognition zet de toename van aanmeldingen bij genderklinieken voor ouders op een rij.
Parallellen
Voorstanders van de hypothese wijzen op verschijnselen waarvan vaststaat dat ze zich onder tieners verspreiden. Eetstoornissen en zelfbeschadiging komen in clusters voor binnen scholen en vriendengroepen. Tijdens de coronapandemie beschreven neurologen in meerdere landen tieners met plotselinge tic-achtige klachten die zij van sociale media hadden overgenomen. In al die gevallen gaat het vooral om meisjes in de puberteit. Dat sociale invloed bestaat, betekent niet dat het onbehagen niet echt is: iemand kan echt lijden aan iets dat mede door de omgeving is gevormd.
Stand van het onderzoek
Rechtstreeks bewijs is schaars. De studie van Littman berust op rapportages van ouders. Een latere studie met dezelfde opzet werd in 2023 door de uitgever ingetrokken vanwege bezwaren tegen de toestemmingsprocedure. Studies die de hypothese tegenspreken, hebben eigen beperkingen. De Cass Review concludeerde dat de toename niet door één factor te verklaren is, en noemde biologische, psychologische en sociale invloeden naast elkaar. Inmiddels zijn er cijfers waaruit blijkt dat steeds minder jongeren zich non-binair of trans noemen. Zie ook rapid-onset genderdysforie en peer influence en genderidentiteit.
Bronnen
Littman, L. (2018, gecorrigeerd 2019). Parent reports of adolescents and young adults perceived to show signs of a rapid onset of gender dysphoria. PLOS ONE, 14(3), e0214157. doi:10.1371/journal.pone.0214157
Cass, H. (2024). Independent Review of Gender Identity Services for Children and Young People: Final Report. cass.independent-review.uk