Genderinfo.nl
Actueel

Endocrine Society-richtlijn voor transgender zorg

Ingang van het kantoorgebouw in Washington D.C. waar de Endocrine Society gevestigd is.
Foto: ajay_suresh, CC BY 4.0, via Wikimedia Commons

De Endocrine Society publiceerde in 2017 de richtlijn 'Endocrine Treatment of Gender-Dysphoric/Gender-Incongruent Persons' onder leiding van Wylie Hembree.

Status en doel

De Endocrine Society publiceerde in 2017 de richtlijn 'Endocrine Treatment of Gender-Dysphoric/Gender-Incongruent Persons' onder leiding van Wylie Hembree. De richtlijn vervangt eerdere versies uit 2009 en wordt internationaal als toonaangevend beschouwd voor de endocriene aspecten van transgenderzorg.

Inhoud

De richtlijn behandelt diagnostiek, evaluatie bij volwassenen en adolescenten, hormoonbehandeling (feminiserend en masculiniserend), monitoring, fertiliteitsoverleg en specifieke aandachtspunten voor jongeren.

Kritiek

De richtlijn is bekritiseerd vanwege de mate waarin systematische reviews zijn gevolgd. De Universiteit van York-reviews die ten grondslag liggen aan de Cass Review concludeerden dat de aanbevelingen van Endocrine Society en WPATH niet altijd worden ondersteund door bewijs van voldoende kwaliteit.

Aanbevelingen voor jongeren

Voor jongeren beveelt de richtlijn aan om puberteitsremmers te overwegen zodra de puberteit is begonnen, vanaf Tanner-stadium 2. Hormonen van het andere geslacht kunnen volgens de richtlijn worden gestart als de jongere in staat is tot geïnformeerde toestemming, wat de meeste jongeren volgens de auteurs rond het zestiende jaar zijn. De richtlijn vraagt om beoordeling door een multidisciplinair team met ervaring in de psychische zorg voor jongeren. Onder de auteurs zijn de Nederlandse onderzoekers Peggy Cohen-Kettenis en Louis Gooren; de aanbevelingen sluiten aan bij het Dutch Protocol.

Sterkte van het bewijs

De richtlijn gebruikt het GRADE-systeem, dat bij elke aanbeveling de kwaliteit van het onderliggende bewijs aangeeft. De aanbevelingen over jongeren steunen volgens de richtlijn zelf op bewijs van lage of zeer lage kwaliteit. De twee systematische reviews die voor de richtlijn werden uitgevoerd, gingen over de effecten van hormonen op vetwaarden in het bloed en op de botten. Naar het effect van de behandeling op het psychisch welzijn van jongeren werd geen systematische review gedaan. Een analyse van de zwakke bewijsbasis onder de internationale richtlijnen, met de GRADE-beoordelingen, staat op wpath.nl.

Beoordeling door de Universiteit van York

Onderzoekers van de Universiteit van York beoordeelden in 2024 de internationale richtlijnen voor genderzorg aan jongeren met het instrument AGREE II. De meeste richtlijnen scoorden laag op methodologische zorgvuldigheid. De onderzoekers stelden ook vast dat richtlijnen sterk naar elkaar verwijzen: die van de Endocrine Society en van WPATH steunen op elkaar, en veel nationale richtlijnen nemen hun aanbevelingen over. Daardoor lijkt de overeenstemming groter dan het bewijs rechtvaardigt. Meer over de wereldwijde verspreiding staat in de tijdlijn.

Bronnen

Hembree, W.C., Cohen-Kettenis, P.T., Gooren, L., et al. (2017). Endocrine Treatment of Gender-Dysphoric/Gender-Incongruent Persons. Journal of Clinical Endocrinology & Metabolism, 102(11), 3869–3903. doi:10.1210/jc.2017-01658

Cass, H. (2024). Independent Review of Gender Identity Services for Children and Young People: Final Report. cass.independent-review.uk