Genderinfo.nl
Actueel

Transgenderwet: het ingetrokken wetsvoorstel zelfidentificatie

Lege plenaire zaal van de Tweede Kamer met blauwe stoelen en houten bankjes.
Foto: Jeroen van der Meyde/Tweede Kamer, CC BY 4.0, via Wikimedia Commons

Er is in 2024 geen nieuwe Transgenderwet in werking getreden. Het wetsvoorstel dat wijziging van de geslachtsregistratie op basis van een eigen verklaring mogelijk wilde maken (Kamerstuk 35825), is nooit wet geworden. Het kabinet maakte op 2 juli 2025 bekend het voorstel in te trekken. Wie de vermelding van het geslacht in de geboorteakte wil wijzigen, heeft daarvoor nog steeds een deskundigenverklaring nodig. Zie ook de informatie van de Rijksoverheid over de regels die sinds 2014 gelden.

De regels die nu gelden

Sinds de wet van 1985 kan het geslacht in de geboorteakte worden gewijzigd. Dat liep toen via de rechter, met als eisen een lichamelijke aanpassing en onvruchtbaarheid. Sinds de Transgenderwet van 1 juli 2014 zijn een operatie en onvruchtbaarheid niet meer nodig. Wel is een verklaring van een deskundige vereist, en de wijziging is mogelijk vanaf zestien jaar. Hoe de procedure verloopt, leest u op de pagina over geslachtsregistratie wijzigen. De achtergrond van de wet staat op de pagina over de Transgenderwet in Nederland.

Wat het wetsvoorstel inhield

Het kabinet diende het voorstel in mei 2021 in bij de Tweede Kamer, onder toenmalig minister Dekker. De verplichte deskundigenverklaring zou vervallen. Wie zestien jaar of ouder is, zou de wijziging rechtstreeks bij de ambtenaar van de burgerlijke stand kunnen regelen. Voor een derde of volgende wijziging zou een verzoek aan de rechter nodig zijn. Kinderen jonger dan zestien zouden via de rechter om wijziging kunnen vragen. Deze opzet wordt vaak zelfidentificatie genoemd. Duitsland kent zo'n regeling sinds 1 november 2024; in juni 2026 vroegen de justitieministers van de Duitse deelstaten om strengere waarborgen tegen misbruik en waarschuwde een VN-rapporteur dat de wet vrouwen en meisjes onvoldoende beschermt, zoals beschreven in het bericht over de Duitse roep om aanscherping van de zelfidentificatiewet.

Het debat in de Tweede Kamer

De Tweede Kamer debatteerde op 27 en 28 september 2022 over het voorstel; zie het archiefstuk over het Kamerdebat van 2022. Het bleef bij de eerste termijn en tot een stemming kwam het niet. In september 2023 verklaarde de Kamer het voorstel controversieel, waardoor de behandeling stil kwam te liggen. Daarna riep een Kamermeerderheid het kabinet tweemaal op het voorstel in te trekken. Volgens de NOS stemden SGP, JA21, FVD, NSC, PVV en BBB voor. Hoe de Kamer zich verder met genderzorg bezighield, staat in het stuk over parlementaire aandacht.

De kritiek en het weerwoord

Critici wezen op de gevolgen voor voorzieningen die op sekse zijn ingedeeld, zoals vrouwenopvang, sport en gevangenissen, en op de positie van jongeren. Dat debat is beschreven op de pagina over feministische kritiek op de Transgenderwet. SGP-Kamerlid Diederik van Dijk zei bij de intrekking dat kwetsbare jongeren juist gebaat zijn bij zorgvuldigheid, niet bij het schrappen van de leeftijdsgrens en de deskundigenverklaring. Voorstanders zagen de deskundigenverklaring als een onnodige drempel. Kamerlid Westerveld van GroenLinks-PvdA noemde de intrekking een achteruitgang en wees erop dat discriminatie, uitsluiting en geweld tegen transpersonen schrikbarend toenemen.

De intrekking

Op 2 juli 2025 maakte staatssecretaris Struycken van Rechtsbescherming bekend dat het kabinet het voorstel intrekt. De intrekkingsbrief is gedateerd op 11 augustus 2025 en bereikte de Tweede Kamer op 13 januari 2026. De Eerste Kamer heeft het voorstel nooit behandeld. De stukken staan in het archief bij het wetsvoorstel wijziging geslachtsregistratie. Wat de intrekking in de praktijk betekent, staat op trans-nederland.nl, in het dossier over de ingetrokken Transgenderwet.

Veelgestelde vragen